Arbeidsrecht

De nieuwe supermarkt cao: de belangrijkste wijzigingen op een rij

Na vele maanden onderhandelingen hebben cao-partijen (VGL, Vakcentrum/Coop en CNV) op 16 oktober 2017 een akkoord bereikt over een nieuwe cao voor de supermarktbranche. Het voorstel bevat een aantal vernieuwende wijzigingen die leiden tot veel vragen bij werkgevers.

Met het akkoord is er nog geen sprake van een nieuwe cao. Alleen alle georganiseerde werkgevers zijn gebonden aan het akkoord. Momenteel zijn partijen met elkaar in gesprek om de nieuwe cao-tekst vorm te geven. Het is dan ook nog even afwachten hoe de wijzigingen precies worden vastgelegd in de nieuwe cao en of er nog extra wijzigingen bijkomen.

De bedoeling is dat de nieuwe cao met terugwerkende kracht ingaat op 1 april 2017 en loopt tot 1 april 2019. Zodra de cao helemaal schriftelijk vastligt, zal deze waarschijnlijk dus nog maar een jaar gelden. Hieronder zullen de belangrijkste wijzigingen worden besproken.

 

Loonstijging

Alle werknemers krijgen in twee jaar tijd een loonsverhoging van 3,5%. Per 1 november 2017 (of periode 12) stijgen de lonen met 1%, per 1 maart 2018 (of periode 3) weer met 1% en per 1 maart 2019 (of periode 3) met 1,5%.

 

Pensioen

De pensioenleeftijd gaat per 1 januari 2018 naar 68 jaar en er vindt een lichte verhoging plaats van de pensioenopbouw.

 

Loopbaanperspectief

De cao maakt onderscheid tussen:

  • Erbijbaners– werknemers die op weg zijn naar een loopbaan buiten de supermarktbranche met een contract van maximaal 12 uur per week. Voor deze groep werknemers bestaat de mogelijkheid om een all-in uurloon toe te passen. Deze werknemers hebben geen recht op een persoonlijk ontwikkelingsbudget (zie hierna);
  • Tussenbaners– medewerkers die een contract voor bepaalde tijd krijgen van 4 jaar voor meer dan 12 uur per week. Er mag een maximale proeftijd worden overeengekomen van 2 maanden en indien het regeerakkoord wordt doorgevoerd een proeftijd van 3 maanden. De zogenoemde tussenbaan is bedoeld voor werknemers die het werken bij een supermarkt als tussenstap zien in hun loopbaan, bijvoorbeeld mensen die net een studie hebben afgerond, ouderen, herintreders, re-integreerders of personen die van carrière switchen; en
  • Loopbaners– dit zijn de werknemers met een contract voor bepaalde of onbepaalde tijd voor meer dan 12 uur per week.

 

Persoonlijk ontwikkelingsbudget (“POB”)

Alle vaste werknemers en werknemers die meer dan 12 uur per week werken – oftewel de tussenbaners en loopbaners – ontvangen een persoonlijk ontwikkelingsbudget van € 175,- per jaar. Het POB dient te worden gestort op een individuele leerrekening van werknemers. Het budget wordt voor maximaal vijf jaar toegekend en mag naar eigen keuze van de werknemer worden besteed of worden opgespaard. Het POB valt buiten de WKR en is daarmee fiscaalvriendelijk. De bedoeling is dat het POB wordt opgebouwd per 1 januari 2018 en dat alle werkgevers dit administratief hebben ingevoerd op uiterlijk 1 juli 2018.

 

Terugkeer van derde jaar WW

De partijen sluiten aan bij het sociaal akkoord waarmee werknemers weer recht krijgen op 3 jaar WW in plaats van 2 jaar. De sociale partners hebben een speciale stichting (het PAWW-fonds) opgericht. Die stichting vult de wettelijke uitkering na afloop aan tot maximaal 38 maanden, afhankelijk van het arbeidsverleden van een werknemer. De aanvulling wordt betaald door de werknemers. De werkgever houdt daarvoor een bijdrage in op het brutoloon die wordt afgedragen aan de stichting. De hoogte van de WW-uitkering blijft ongewijzigd. Die bedraagt 70 procent van het laatstverdiende loon na het verstrijken van de eerste 24 maanden.

 

Vragen?

De meeste vragen die naar aanleiding van het akkoord rijzen gaan over de tussenbaan. Anders dan de cao-partijen doen voorkomen is een contract voor 4 jaar helemaal niet nieuw, dit is nu ook al mogelijk. Wettelijk zijn maximaal drie tijdelijke contracten in twee jaar toegestaan, maar op het eerste contract zit geen maximum. Een contract van 4 jaar kan echter niet worden verlengd met een aanvullend tijdelijk contract, het tweede contract is dan automatisch voor onbepaalde tijd. In de praktijk wordt echter vrijwel nooit een contract voor 4 jaar met een werknemer gesloten. 

Door de mogelijkheid van een contract van 4 jaar expliciet vast te leggen in de cao wordt gehoopt dat hier meer gebruik van wordt gemaakt om een groep medewerkers die meer dan 12 uur per week werken, meer baanzekerheid te geven gevolgd door werkzekerheid dankzij geld voor scholing. De vraag is echter of er wel behoefte is aan contracten van 4 jaar. Deze vraag speelt te meer nu het kabinet van plan is om de periode waarin de werknemer werkzaam kan zijn op basis van tijdelijke arbeidsovereenkomsten te verlengen naar drie jaar, zoals dat voor de Wet Werk en Zekerheid ook het geval was.

 

De praktijk zal moeten uitwijzen of het ‘experiment’ van de tussenbaan succes zal hebben.

 

Heeft u andere vragen over de nieuwe supermarkt cao? Neem dan contact op met onze arbeidsrecht advocaten Dries Beljon of Sanita Meijer via 085-303 64 29.

Author


Avatar